1 april 2022

Voldoet de inkomstenderving door leegstand aan de gestelde voorwaarden om geboekt te worden als een voorziening voor risico's en kosten op 31 december 2021 (cf. CBN-advies 2018/25)?

 

  1. De volgende situatie wordt beschreven:

     

    De VZW heeft een voorziening aangelegd op 31/12/2021 voor inkomstenderving door leegstand ingevolge geplande investeringswerken in 2022. De beslissing om deze werken uit te voeren werd genomen door de RvB vóór de afsluitdatum 31/12/2021. Het bedrag van de inkomstenderving is op een redelijke en verantwoorde wijze becijferd. Het risico betreft geen loutere mogelijkheid in hoofde van de RvB, maar een waarschijnlijk of zeker verlies zonder dat het bedrag vast staat. Het betreft een toekomstig verlies die geen tegenwaarde voor de onderneming zal hebben. Voldoet deze inkomstenderving door leegstand aan de gestelde voorwaarden om geboekt te worden als een voorziening voor risico's en kosten op 31/12/2021 (cf. CBN-advies 2018/25) ?

     

  2. Om deze vraag te beantwoorden, verwijst het ICCI naar het voormeld CBN-advies 2018/25 ( [1] ):

 

“8. Overeenkomstig het KB W.Venn. moet rekening worden gehouden met alle risico’s, mogelijke verliezen en ontwaardingen ontstaan tijdens het boekjaar of een voorgaand boekjaar.

 

9. Naast het aanleggen van een voorziening voor de op de balansdatum reeds bestaande verplichtingen waarvan het bedrag enkel geraamd kan worden, voorziet het KB W.Venn. tevens in de vorming van passende voorzieningen voor kosten die op de balansdatum waarschijnlijk of zeker zijn.

 

10. Het KB W.Venn. stipuleert dat voorzieningen voor risico's en kosten naar hun aard duidelijk omschreven verliezen of kosten beogen te dekken die op de balansdatum waarschijnlijk of zeker zijn, doch waarvan het bedrag niet vaststaat.”

 

  1. Gelet op het voorgaande, is het ICCI van mening dat een voorziening voor risico’s en kosten aangelegd voor het ontberen van toekomstige omzet (of inkomsten) niet mogelijk is.

 

  1. Ten slotte wijst het ICCI nog op het feit dat er in geen geval een uitspraak kan worden gedaan over de mogelijke fiscale gevolgen van een dergelijke operatie.

( [1] ) Cf. Voorzieningen