22 février 2016
Men werd gecontacteerd door een onderneming die naar aanleiding van de algemene vergadering van commissaris wenst te veranderen. De algemene vergadering heeft plaats op 18 maart 2016. Het mandaat van de huidige commissaris loopt tot de algemene vergadering van 18 maart 2016. De onderneming heeft tevens een ondernemingsraad.
Wat zijn de concrete stappen die de onderneming dient te ondernemen om van commissaris te veranderen.
Artikel 136 van het Wetboek van vennootschappen spreekt van ontslag: is niet-herbenoeming gelijk met ontslag? dient aan de huidige commissaris in dit geval (niet herbenoeming) dit agendapunt te worden medegedeeld?
Artikel 156 van het Wetboek van vennootschappen zegt dat de commissaris wordt benoemd op voordracht van de ondernemingsraad, op voorstel van het bestuursorgaan: dient dit dan te gebeuren op de vergadering waarop de jaarlijkse informatie wordt besproken? De onderneming wenst de nieuwe commissaris op de algemene vergadering van 18 maart 2016 te benoemen.
Als antwoord op de vraag wenst het ICCI eerst te verwijzen naar de recent door het IBR, in samenwerking met vertegenwoordigers van het VBO en de werknemersorganisaties ABVV, ACLVB en ACV, uitgegeven brochure met 24 praktische tips voor een optimale relatie tussen de ondernemingsraad en de bedrijfsrevisor [1].
De concrete stappen die een vennootschap met ondernemingsraad dient te ondernemen om een andere commissaris te benoemen (en dus het mandaat van de huidige commissaris niet te hernieuwen), staan vermeld in de artikelen 130 en 156 tot 158 van het Wetboek van vennootschappen, alsmede de artikelen 185 tot 189 van het koninklijk besluit van 30 januari 2001 tot uitvoering van het Wetboek van vennootschappen. Hierna worden de belangrijkste bevindingen weergegeven die relevant zijn voor de voorgelegde situatie:
[1] Deze brochure is integraal raadpleegbaar op de volgende website: http://flipbook.ibr-ire.be/brochures/brochure-ondernemingsraad/index.html.
[2] Cf. IBR, VBO, ABVV, ACLVB en ACV, Brochure met 24 praktische tips voor een optimale relatie tussen de ondernemingsraad en de bedrijfsrevisor, ibid., p. 7 en 13.