Na een korte toelichting over de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen en over de inhoud
van de norm van het Instituut van de Bedrijfsrevisoren inzake inbreng in natura en quasi-inbreng,
komen de volgende aandachtspunten aan bod:
1. de beschrijving van de inbreng en de quasi-inbreng;
2. de waardering van de inbreng en de quasi-inbreng;
3. de als tegenprestatie te verstrekken vergoeding en de toebedeling van aandelen
overeenkomstig het huwelijksvermogensstelsel van de inbrengers.
In dit seminarie wordt tevens aandacht besteed aan de wisselwerking tussen o.m. de
personenbelasting, de vennootschapsbelasting (waardering en afschrijvingen), BTW wetgeving en
registratiewetgeving m.b.t. inbreng in natura en quasi-inbreng en uitbreng in natura.
Structuur van de uiteenzetting
1. Inbreng bij oprichting en quasi-inbreng:
• vennootschapsrechtelijke benadering met onder meer aandacht voor vrijstellingsregels inzake het opstellen van een controleverslag;
• bedrijfseconomische benadering van de waardering:
- inbreng of quasi-inbreng van een handelsfonds;
- inbreng of quasi-inbreng van een onroerend goed;
• fiscale benadering;
• boekhoudkundige benadering.
2. Inbreng naar aanleiding van een kapitaalverhoging:
• vennootschapsrechtelijke benadering;
• bedrijfseconomische benadering van de waardering en tegenprestatie;
• fiscale benadering;
• boekhoudkundige benadering.
3. Inbreng bij vrije beroepen
• problematiek van de waardering en de tegenprestatie van de inbreng in natura door
het toekennen van aandelen.
4. Uitbreng in natura
• aandachtspunten vanuit vennootschapsbelasting, registratierecht, BTW, enz.